Een mens zou het bijna vergeten, maar donderdagavond trokken manlief en ik naar de Cabaretten, waar onze favoriet Alex Agnew optrad.
Iets waar ik al lang zin in had, maar waar het maar niet van kwam. Of ik was zwanger, of ik was te laat om tickets te bestellen.
Maar zie, er waren nog tickets en er was een babysit. Peter Mathijs en Machteld offerden zich vrijwillig op (waarvoor grote dank!).

En… Alex Agnew? Die was fantastisch. Anders dan in zijn eerdere shows (die ik enkel van TV ken). Serieuzer, maar daardoor nog indringender, Hij had het over zijn dochtertje. Heel herkenbaar voor nieuwe ouders. Heel ontroerend af en toe. Een aanrader wat mij betreft!
Mijn moeder was jarig op 9 april.
Dit jaar heb ik niet lang moeten nadenken over een cadeautje. Mama kun je altijd plezier doen met bloemen, dus leek het mij logisch om een bezoekje te brengen aan de Floraliën.
Het was een verrassing maar mama zou mama niet zijn als ze allang doorhad wat de verrassing inhield
Ik had mij versproken toen ik zei dat haar verrassing enkel in deze week kon.
We waren nog wat moe van de babyborrel de dag ervoor, maar toch bracht het mooie weer ons in form. Na een bezoekje aan Linus zijn meter, trokken we naar een broodjesbar om daar… Linus vol te tanken.
Toen trokken we naar de Ikea waar we de auto konden parkeren.
De rijen bij de Floraliën vielen heel goed mee, alhoewel het tegen het einde van ons bezoek wel wat drukker was. Het fototoestel was helaas spoorloos die morgen, en ik probeerde het gemis wat te compenseren met mijn gsm (niet dat ik die foto’s daar dan ooit afkrijg maar bon). Gelukkig verkochten ze ook dvd’s waarop heel de tentoonstelling werd verfilmd
Linus hield zich flink. Sliep twee uur en dronk dan wat. Zo konden we bijna heel de tentoonstelling op ons gemak doorwandelen. Alleen de laatste hal was er te veel aan.
Daarna volgden nog lekkere oliebollen en een blitsbezoekje aan de Ikea. Thuis werd zoonlief verenigd met de papa. Fiona logeerde die dag bij moeke en kwam pas later thuis.
Onze dag werd afgesloten met een lekker diner bij een goeie Italiaan (Il Folleto). Het was dus al laat toen oma naar huis moest, en bovendien strooide een lekke band nog wat roet in het eten.
Wat mij betreft is de dag toch voor herhaling vatbaar
Proficiat aan het crapuul dat erin slaagt om 2009 voor ons fantastisch te doen eindigen… door op klaarlichte dag onze autoruit in te slaan.
Nota bene omwille van een gps die
1. we gratis hebben gekregen
2. ik niet kan uitstaan
3. zelden gebruiken (en nu uitzonderlijk eens niet hadden weggestopt – omdat we gisteren alletwee doodmoe thuisgekomen waren)
4. hij zo had meegekregen als hij erom had gevraagd
De buur sprak van een “grote neger” (zijn woorden, niet de mijne) die rond onze auto had staan draaien. Ik houd het op crapuul, kan mij niet schelen welke kleur het is.
Gelukkig kwamen mijn schoonouders nog langs en waren zij bereid om hun auto hier te laten en met de onze naar Ieper te rijden. De garagist die dinsdag naar onze remmen keek, heeft gelukkig nog een Berlingo-ruitje liggen, en dus ontsnappen we hopelijk aan de dure tarieven van Carglass.
Hoe graag we hier ook wonen/gewoond hebben, toch denk ik soms: waar we gaan wonen, zou dat niet gebeuren. Of als u dat te optimistisch vindt, ik acht het heel wat onwaarschijnlijker.
Zei hij tegen mij: Hoe langer ik in Gent woon, hoe leuker ik het hier vind en hoe minder ik mij kan voorstellen dat ik ergens anders zou wonen.
Ik kan dat alleen maar beamen. Gent is een prachtige stad, al vond ik onze vorige buurt wel leuker. Maar alles is dichtbij. Heb je verse groenten nodig? Gewoon even tot bij de Bioplanet fietsen. De Colruyt is hier op minder dan een km. Met de bus vlakbij geraak je zo op de Korenmarkt. Er is een bibliotheekfiliaal op amper een paar minuutjes. Manlief werkt in Gent en dat is ook supergemakkelijk voor de kinderopvang. Moest ik ook in Gent werk vinden, denk ik dat we hier nog moeilijk zouden weggeraken.
Aan de andere kant: we zijn alle twee opgegroeid op “den buiten”. Het platteland, zeg maar. Niet zo heel ver van een stadje maar toch ver genoeg zodat je voor bijna alles een auto nodig hebt. Boter vergeten? Even met de auto tot in het dorp rijden. Naar de bibliotheek? Vertrek maar op tijd want ze is maar drie kwartier meer open.
En toch: het kan zo mooi zijn op de buiten. Je ziet een onweer al van ver aankomen. Hier overvalt het ons zo’n beetje, als het donker wordt en de hagelstenen plots beginnen te vallen. Je springt op de fiets en je kunt een toertje doen zonder verkeerslichten tegen te komen, of ongeduldige chauffeurs.
We hadden allebei een grote tuin toen we jong waren. Met beestjes: kippen, schapen, paarden… Fiona heeft nu een paar vierkante meters terras tot haar beschikking. Bij onze ouders zit je in de tuin te eten in de zomer en niemand die je kan horen of zien (als je het beschaafd houdt).
Tot nu toe zeiden we altijd dat we terug naar het platteland gingen als de kindjes groter werden. We willen geen stadskindjes opvoeden die op straat moeten spelen om eens buiten te kunnen zijn.
Maar bouwgronden op de buiten zijn moeilijk te vinden (en duur) en toffe boerderijtjes (mijn droom!) worden allemaal opgekocht door de rijke stinkerds. En daarbij: waar werk je dan als je op de buiten woont? Dat impliceert dan vroeger vertrekken naar je werk (manlief wil graag in Gent blijven werken) en in de file staan. En een auto hebben. En je kinderen ook heel ver laten lopen om naar school te gaan.
En geen afhaalpizza’s meer, noch winkels op loopafstand. Bibliotheekbezoekjes worden gepland en gebeuren niet meer spontaan. Je kunt niet even langsgaan bij je vrienden die even verderop in de stad wonen: neen, bezoekjes moeten weken vooraf worden geregeld.
We zijn er nog niet uit. We willen binnenkort iets nieuws gaan zoeken maar we weten niet waar te beginnen. Misschien moet ik eerst kijken of ik geen ander werk kan vinden. Hier in de buurt. Maar dan zou het heel onnozel zijn om ver van Gent te gaan wonen he?
… al die sirenes hier in de buurt!
Wij leven in het getto van Gent.